Het Leven begint op uw zestigste

Pensioensparen

U bent de 50 voorbij en speelt met het idee om op uw zestigste te stoppen met werken en van het leven te gaan genieten. U zorgt er dan maar beter voor dat u voldoende geld opzij hebt staan en dat de inflatie niet aan uw welvaart kan knabbelen.

Veel vijftigers koesteren de droom om niet tot hun 65ste te wachten om met pensioen te gaan, maar nu van het leven te genieten, nu ze nog gezond genoeg zijn om bijvoorbeeld verre reizen te maken. Dat heeft natuurlijk wel financiële gevolgen, want vroeger stoppen met werken betekent minder pensioen en meer uitgaven om die dromen te verwezenlijken. U voorziet dus best een extra inkomen bovenop uw wettelijke pensioen. We gaan na hoeveel extra kapitaal u bovenop uw wettelijke pensioen moet voorzien om een extra inkomen te hebben en hoe u best dat bijkomende kapitaal opbouwt.

Oefening in drie stappen

Als u overweegt om voor uw 65ste te stoppen met werken, maakt u best de volgende oefening.

  • Wat hebt u extra nodig per maand?

Een eerste belangrijke element om uit te maken of u op 60 jaar (of voor uw 65ste) kunt stoppen, is het bedrag dat u ongeveer per maand nodig zult hebben bovenop uw wettelijke pensioen. U kunt uw pensioen en dat van uw partner snel berekenen op de website www.kenuwpensioen.be . Daarna gaan u en uw partner best na hoeveel u samen per maand denkt nodig te hebben bovenop dat bedrag. Stel dat u en uw partner samen een pensioen zullen hebben van ongeveer 2000 euro netto. U reist graag en houdt van lekkere wijn, dus u schat dat u toch wel 2500 euro per maand extra nodig hebt om op hetzelfde niveau verder te leven.

  • Welk bedrag hebt u op 60?

Om te weten welk bedrag u nodig zult hebben, spreekt u best uw verzekeraar en bankier aan en laat hen uitrekenen wat uw extralegale pensioen - vrij aanvullend pensioen zelfstandigen, groepsverzekering of interne pensioentoezegging, pensioensparen en eventueel langetermijnsparen - waard zal zijn wanneer u 60 bent. Vraag wel naar de nettowaarde, dus na belastingen. Om van bruto naar netto te gaan, mag u als vuistregel nemen dat er bij uw groepsverzekering ongeveer 20% afgaat, bij uw vrij aanvullend pensioen 15% en bij pensioensparen en langetermijnsparen ongeveer 10%. Verder kunt u ook rekening houden met wat u al spaarde en nog zult sparen, eventueel onroerend goed dat u nog kunt verkopen enzovoort.

  • Houd rekening met inflatie en uw mogelijke eindleeftijd.

Als u momenteel een vijftiger bent, wordt u statistisch gezien ongeveer 77 à 78 jaar. Maar u neemt toch best wat marge voor het geval u het geluk heeft langer te leven. Het lijkt ons aangewezen om er minstens van uit te gaan dat u 85 jaar wordt. Tijdens die 25 jaar (van 60 tot 85 jaar) zal uw pensioenbedrag (2000 euro in ons voorbeeld) wel geïndexeerd worden, maar het maandelijkse bedrag van 2500 euro in ons voorbeeld moet natuurlijk ook geïndexeerd worden om zijn koopkracht te behouden. Bij onze berekening gingen wij uit van een inflatie van 2% per jaar. Dat is de  gemiddelde inflatie van de laatste jaren en dat is wat de Europese centrale bank ook in de toekomst nastreeft. Na een jaar wordt uw 2500 euro dus 2550 euro, na twee jaar 2601 euro enzovoort. Hierna veronderstellen we dat u al het geld opdoet en er op uw 85ste niets overblijft. Voorzichtigheidshalve houden we rekening met een netto-opbrengst van 3,5 % per jaar. Wie op dit moment zonder risico's een nettorendement van 3,5% wil halen, heeft bij de huidige lage rente wat zoekwerk. Maar op lange termijn is een gemiddeld rendement van 3,5 % netto zeker haalbaar, op voorwaarde dat u de kosten van uw beleggingsproducten laag houdt.

Stoppen op 60?

In tabel 1 ziet u welk kapitaal u nodig heeft voor elke 500 euro die u per maand bovenop uw pensioen wilt hebben . We gaan ervan uit dat u 85 jaar wordt, de inflatie 2 % per jaar bedraagt en uw kapitaal 3,5 % netto opbrengt.

  1. U stopt met werken op 60 jaar en wordt 85 jaar

U wilt bovenop uw pensioen U hebt een kapitaal nodig van
500 euro/maand 125.750 euro
1000 euro/maand 251.500 euro
1500 euro/maand 377.250 euro
2000 euro/maand 503.000 euro
2500 euro/maand 628.750 euro

Algemeen kunnen we stellen dat u ongeveer 125.000 euro nodig hebt per 500 euro per maand die u op uw 60ste bovenop uw pensioen wilt.

Wat als u heel oud wordt?

Maar misschien leeft iedereen in uw familie wel erg lang, zodat u graag toch iets meer marge neemt. In de tabellen 2 en 3 zijn we van dezelfde veronderstellingen uitgegaan: een inflatie van 2 % en een netto-opbrengst van 3,5 %, maar we veronderstellen dat u 90 of zelfs 95 jaar wordt. U merkt dat het bedrag dan veel hoger moet zijn.

  1. U stopt met werken op 60 jaar en wordt 90 jaar

U wilt bovenop uw pensioen U hebt een kapitaal nodig van
500 euro/maand 145.850 euro
1000 euro/maand 291.700 euro
1500 euro/maand 437.550 euro
2000 euro/maand 583.400 euro
2500 euro/maand 729.250 euro

 

  1. U stopt met werken op 60 jaar en wordt 95 jaar

U wilt bovenop uw pensioen U hebt een kapitaal nodig van
500 euro/maand 164.500 euro
1000 euro/maand 329.000 euro
1500 euro/maand 493.500 euro
2000 euro/maand 658.000 euro
2500 euro/maand 822.500 euro

Stoppen tussen 60 en 65

Wie op 60 jaar stopt met werken in plaats van op 65 jaar, zal een (iets) kleiner pensioen hebben, maar ook het extra legale pensioen zal kleiner zijn. Bovendien heeft u naarmate u vroeger stopt ook meer kapitaal nodig voor iedere 1000 euro per maand die u bovenop uw pensioen wilt (zie tabel 4 hiernaast; we houden rekening met een inflatie van 2% en een netto-opbrengst van 3,5%).

  1. U stopt tussen 60 en 65 jaar met werken en wordt 85 jaar

U stopt op de leeftijd van Voor elke 1000 euro extra per maand hebt u een kapitaal nodig van
60 jaar 251.500 euro
61 jaar 243.100 euro
62 jaar 234.600 euro
63 jaar 225.900 euro
64 jaar 217.1 00 euro
65 jaar 208.200 euro

 

Zonder risico's 3,5 % netto per jaar

Zelfs als u kiest voor echte veiligheid en niet veel afweet van beleggingsproducten, kunt u relatief gemakkelijk zelf de handen uit de mouwen steken en een hoger rendement  halen dan bij een levenslange rente-uitkering (zie verder). Het zou ons te ver leiden om alle mogelijkheden op te sommen. Een heel eenvoudige techniek is met uw kapitaal obligaties kopen met minstens een BBB-rating en die bijhouden tot hun vervaldag. Koop ze bij voorkeur op de primaire markt, op het moment dat ze uitgegeven worden, dan zijn er geen aankoopkosten. Wie elk wisselrisico wil uitschakelen, kan zich beperken tot obligaties in euro. Koop regelmatig obligaties met verschillende looptijden. Op langere termijn moet u op die manier een rendement van 3,5% netto per jaar kunnen halen. Eventueel kunt u ook voor een stuk met een Tak 21-verzekering werken, al zit u daar wel voor minstens acht jaar aan vast en zijn er geen jaarlijkse inkomsten. Niet ideaal dus, want u hebt regelmatig inkomsten nodig. Bovendien zouden we momenteel een Tak 21 eerder afraden, omdat heel wat spaarverzekeringen met vervelende lasten uit het verleden zitten, zoals beleggers die nog ingestapt zijn aan 3,75% of zelfs 4,25% en waarvoor de verzekeraar verplicht is om die gewaarborgde rendementen op te hoesten zolang de Tak 21 loopt.

U kunt uiteraard ook een plan op maat laten uitwerken door een vermogensplanner. Volgens ons is dat maar interessant vanaf minimaal400.000 euro, omdat een volledig plan al minstens 1500 euro kost.

Levenslange rente

De meeste verzekeraars en banken bieden tegenwoordig ook een levenslange rente aan. U hoeft zich dan nergens iets van aan te trekken en krijgt levenslang elke maand een rente. Fiscaal gezien wordt u elk jaar belast op een forfaitair bedrag, dat 3% bedraagt van het kapitaal, ongeacht het werkelijke bedrag van de rente die u ontvangt. Op dat fictieve bedrag betaalt u een roerende voorheffing van 15% plus gemeentebelasting. De formule is dus heel gemakkelijk. Voor elke 100.000 euro die u aan uw verzekeraar of bankier geeft, zult u als 65-jarige in ruil maandelijks en levenslang ongeveer 520 euro netto per maand krijgen. Bent u 60 jaar, dan ligt dat maandelijkse bedrag lager en krijgt u ongeveer 470 euro netto per maand. De bedragen worden niet geïndexeerd, zodat u uiteindelijk bijna 90 jaar moet worden om er een goede zaak aan te doen in vergelijking met wanneer u bijvoorbeeld zelf belegt. En het risico bestaat uiteraard ook dat u een korte tijd na het aangaan van de levenslange rente sterft, en dat uw erfgenamen niets zien van het door u gespaarde bedrag. Met zo'n levenslange rente legt u bovendien uw roerende vermogen in handen van een bank of verzekeraar, die failliet kan gaan voor u stokoud sterft.

Een renteniersplan

Een andere mogelijkheid is dat u met het verzamelde kapitaal naar uw bankier of verzekeraar stapt en het in een renteniersplan stopt. We treden hier niet in detail, maar uw bank of verzekeraar belegt uw geld dan doorgaans in gemengde fondsen – bijvoorbeeld 50% obligaties en 50% aandelen - of in een gelijkaardige Tak 23-verzekering. Maar opgelet op papier krijgt u een mooi maandelijks bedrag, maar er is geen enkele kapitaalgarantie en ook geen garantie dat u dat voorgestelde maandelijkse bedrag tot aan uw overlijden zult krijgen. Renteniersplannen bestaan in allerlei vormen, dus laat u goed informeren over hoe het systeem werkt en vooral over wat er gebeurt als bijvoorbeeld de beurs crasht Houd zeker ook de kosten in het oog bij deze producten.

Conclusie

Wie op 60 jaar wil stoppen met werken, moet voor elke 1000 euro die hij maandelijks bovenop zijn pensioen wil, een kapitaal hebben van afgerond 250.000 euro. Stopt u pas op 65 jaar, dan volstaat een bedrag van iets meer dan 200.000 euro. We gingen bij onze berekening uit van een inflatie van 2%, zodat uw koopkracht behouden blijft. Veiligheidshalve hielden we rekening met een nettorendement van 3,5 % per jaar. Een levenslange rente lijkt op het eerst gezicht gemakkelijk en niet slecht wat betreft het rendement. Maar houd er wei rekening mee dat de bedragen niet geïndexeerd worden en u bijna 90 jaar moet worden om er echt profijt uit te halen.

Moneytalk.be

Reacties

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.