Liquidatie Apra strop voor werkgevers

120 bedrijven riskeren zelf aanvullend pensioen werknemers te moeten betalen - Kmo's dreigen failliet te gaan
De liquidatie van de verzekeringsmaatschappij Apra Leven dreigt op een fiasco uit te draaien voor de bedrijven die er voor hun werknemers een groepsverzekering hadden afgesloten. Naar schatting 120 ondernemingen zullen zelf een flink deel moeten uitbetalen van het aanvullend pensioen dat ze al voor hun personeel hadden gespaard.
Wauthier Robeyns, de woordvoerder van Assuralia, de beroepsvereniging voor verzekeringsondernemingen, bevestigt dat de werkgever zelf in de buidel moet tasten als de groepsverzekeraar zijn verplichtingen voor dat aanvullend pensioen niet kan nakomen. Voor individuele verzekeringscontracten is er een tussenkomst mogelijk van maximaal 100.000 euro via het Bijzonder Beschermingsfonds. Voor groepsverzekeringen is er echter niets voorzien. Het probleem zit dus bij de kapitalen die de aangesloten werkgevers tot nu voor hun personeel hadden opgebouwd via Apra Leven.
'Het blijft erg onduidelijk hoeveel de bedrijven zelf zullen moeten bijpassen', zegt Gonzalez Stubbe, de gedelegeerd bestuurder van Groep S. 'We horen van alles: soms is het 30 procent, soms 60 procent, soms zelfs de totale afkoopwaarde.'
Groep S is zelf ook slachtoffer van de situatie omdat het twee jaar geleden entiteiten én personeel van de groep Arenberg overnam. Dat sociaal secretariaat had voor 348 werknemers een groepsverzekering afgesloten bij Apra Leven. De afkoopwaarde van al die verzekeringscontracten samen beloopt 7 miljoen euro, een bedrag dus dat Groep S misschien zelf zal moeten op tafel leggen. 'Als de bij Apra Leven aangesloten kmo's het aanvullend pensioen van hun werknemers zelf moeten betalen, dreigen ze failliet te gaan en staat hun personeel helemaal in de kou. Waarom ook voor hen geen fonds oprichten om de tekorten bij te passen?', stelt Stubbe.
Atypsich
De werkgevers mogen zich gelukkig prijzen dat de situatie bij Apra Leven tot nu uniek is in ons land. De verzekeringsmaatschappij hield er een beleggingsportefeuille op na die ronduit als onverantwoord kan worden bestempeld. Ze belegde een flink deel van haar portefeuille in vastgoedprojecten in Spanje en Roemenië en in achtergestelde hypotheekleningen. Robeyns spreekt van 'een atypische portefeuille die in de sector hoge ogen heeft gegooid.' Apra Leven stond al sinds 2009 onder verscherpt toezicht van de toenmalige finan- cieeltoezichthouder CBFA, maar de bewindvoerders konden het tij niet keren. Op 4 maart dit jaar trok de toezichthouder de vergunning van Apra Leven in. De verzekeringsmaatschappij werd prompt van de lijst van de toegelaten verzekeringsmaatschappijen geschrapt en onmiddellijk in vereffening gesteld. De uitvoering van alle lopende verzekeringscontracten werd geschorst.
Jaren onzekerheid
Er zijn twee vereffenaars aangesteld: Claude Desseille, bestuurder en voorzitter van het auditcomité bij Ethias Holding en Alexis Lefebvre (Nelissen Grade).
De vereffenaars kunnen nog niet zeggen in welke mate ze de opgebouwde pensioenkapitalen zullen kunnen terugbetalen. 'Het is nog veel te vroeg, alle verzekeringscontracten worden een voor een onder de loep genomen', zegt advocaat Dries Goyens (Nelissen Grade). 'Veel hangt ook af van de uitkomst van de procedure ingeleid tegen de gewestregering van Andalusië. Die is Apra nog 36 miljoen euro verschuldigd voor premies waarvan ze de betaling had gewaarborgd en die ze nu weigert te betalen.' De procedure werd pas onlangs ingeleid en kan nog jaren aanslepen. De bij Apra aangesloten werkgevers kunnen daarover dus nog jaren in onzekerheid vertoeven.
De vraag is hoe het ooit zover is kunnen komen. Had de finan- ciële toezichthouder de vergunning van Apra Leven niet eerder moeten intrekken? Een en ander doet ook vragen rijzen naar de rol van de bedrijfsrevisor die destijds bij Apra Leven de boeken controleerde.




Reacties
Nieuwe reactie inzenden