Verkeersongeval met 2 voertuigen van dezelfde vennootschap

Art.4 §I van de wet 21.11.1989 (betreffende van de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen) bepaalt sinds 17.9.2002, zoals u weet, dat alleen de bestuurder van het motorrijtuig (aansprakelijk voor het ongeval) van het voordeel van de vergoeding kan uitgesloten worden.

Wanneer een voertuig van vennootschap X, bestuurd door een werknemer van deze vennootschap, een ander voertuig van dezelfde vennootschap X beschadigt, kan de B.A.-verzekeraar van deze voertuigen (vloot) normaliter beroep doen op art.8.1° van de modelovereenkomst die de schade aan de gewaarborgde voertuigen uitsluit van de verzekering.

Om dit standpunt van de verzekeraars te dwarsbomen en in een poging om de werkgevers van de schadevergoeding te laten genieten, volgden wij volgende redenering.

De werknemer is niet aansprakelijk als hij bij de uitvoering van zijn overeenkomst een ongeval veroorzaakt (art.18 van de wet van 3.7-1978 op de arbeidsovereenkomst) en het is dus zijn werkgever die deze aansprakelijkheid opneemt (art.1384 al.3 BW).

Art.7 a) van de modelovereenkomst preciseert dat van het recht op schadevergoeding is uitgesloten de voor de schade aansprakelijke persoon, behalve indien het de aansprakelijkheid vaar andermans daad betreft!

Wij leidden hieruit af dat de werkgever, als opdrachtgever en aansprakelijk door zijn aangestelde, van de schadevergoeding kon genieten.

Bepaalde rechtbanken volgden deze redenering, andere niet.

Jammer genoeg is een cassatiearrest van 20.6.2008 (Pas.2008, P.1572 en R.G.A.R. 2009(14457) niet in ons voordeel. In verband met een werknemer die met een voertuig van zijn werkgever een ander voertuig van deze werkgever had aangereden, oordeelde de rechter ten gronde dat de B.A.-autoverzekeraar de schade moest voor zijn rekening nemen.

NEEN, zegt het hof van Cassatie omdat op grond van art.1384 al.3 van het Burgerlijk Wetboek, de werkgever geen 'derde' is en bijgevolg geen recht heeft op de verzekering zoals bepaald in art.3 §1 van voornoemde wet van 21.11.1989.

Als men ervan uitgaat dat de schade die een werknemer aan zijn werkgever veroorzaakt geen schade aan een 'derde' is, kan er bijgevolg geen sprake zijn van een tussenkomst van de B.A.-autoverzekeraar ten gunste van deze werkgever, of het nu om een polis (vloot) of verschillende polissen gaat.

Dit probleem werd binnen Assuralia besproken door de leden van de werkgroep belast met de herziening van de modelovereenkomst.

In overleg met de verzekeraars en makelaars, hebben zij eenparig geoordeeld dat de werkgever niet door zijn eigen B.A.-verzekeraar kan schadeloosgesteld worden.

Conclusie

De werkgever die wil vergoed worden voor de schade aan een van zijn voertuigen dat door een ander van zijn voertuigen werd aangereden, kan aan zijn B.A.- autoverzekeraar vragen dat in de verzekeringspolis een ad hoc clausule ('sistership' clausule) wordt ingelast waarbij de voertuigen van dezelfde vennootschap onder elkaar als 'derden' moeten beschouwd worden.

De verzekeraar kan hiermee instemmen, onder voorbehoud van een hogere verzekeringspremie natuurlijk.